Jan Vercruysse kan beschouwd worden als een tentoonstellingskunstenaar. Hij hechtte uitzonderlijk veel belang aan de presentatie van zijn werk en nam zelf de rol van curator op zich, waarbij hij ook de catalogi vormgaf. De solotentoonstelling bood hem de mogelijkheid om nieuwe verbanden te leggen tussen verschillende (reeksen) werken en stelde hem in staat om kritisch te reflecteren op zijn eigen oeuvre. Deze scriptie onderzoekt, aan de hand van vijf tentoonstellingen tussen 1975 en 1995, de verschillende elementen die Vercruysses kunstenaarschap definiƫren.